Om gekapte bomen te vervangen moet er 10% meer en gezonder bos in 2030 komen. Dat staat in de visie op de toekomst van het Nederlandse bos die minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) – mede namens de provincies – naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. In de loop van dit jaar zal bekend gemaakt worden welke stappen hiervoor nodig zijn.

Om de klimaatverandering en het verlies van biodiversiteit tegen te gaan, werken het kabinet en de provincies aan een gezamenlijke Bossenstrategie. De biodiversiteit en de omvang van ons bos namen de afgelopen jaren af. Dit komt mede door stikstofneerslag, de uitstoot van broeikasgassen en bomenkap. Daarom is er een overkoepelende strategie nodig die het Nederlandse bos gezond houdt.

Nederland wil meer bos

De roep naar meer bos is duidelijk aanwezig in de samenleving. Er komen steeds meer maatschappelijke initiatieven, zoals Plan Boom, Team Trees en het Nationaal Boomplantrecord. Minister Schouten, de provincies en andere betrokken partners sluiten daarop aan met hun visie. Zij gaan voor meer bomen in steden, dorpen, het landelijk gebied en natuurgebieden. Samen met gemeenten, waterschappen en het bedrijfsleven kijken ze naar mogelijkheden voor het planten van nieuw bos.

Bomenkap

Het kappen van bomen leidt veelal tot verontwaardiging. Toch is het ook van belang voor het behoud van de natuur. Soms moeten bomen worden gekapt om andere boomsoorten te behouden. Ook is bos kappen soms nodig ter versterking van de biodiversiteit en om open landschappen in stand te houden en te creëren. Het uitgangspunt daarbij is wel dat bomenkap alleen gebeurt als dat echt nodig is en na een zeer zorgvuldige afweging. Gekapte bomen dienen daarnaast altijd gecompenseerd te worden. Eén boom eruit betekent minimaal één boom erin.

Bron: Rijksoverheid